Een kleerkast die bij mij past.

Ik voel.

Disclaimer: Deze blogpost gaat niet echt over kleren.

Kleren zijn een oppervlakkig iets. Maar zeker niet neutraal. We dragen elke dag kledij en daarmee tonen we iets. We tonen of kledij voor ons iets betekent of niet, we tonen onze stijl, we tonen wat we graag zien.

Enkel dat dragen dat bij jou past en waar je je goed in voelt, is echter niet vanzelfsprekend. Misschien voor sommigen wel, maar voor mij was dat althans niet het geval. Het is eigenlijk nog maar sinds enkele maanden dat ik nu écht een kleerkast heb die enkel van mij kan zijn. En dat is zeer bijzonder.

Het heeft zeer lang geduurd voor ik zelf durfde kiezen. Echt kiezen. Kiezen omdat het goed voelt. Niet kiezen omdat ik weet wat in de smaak zou vallen, of omdat ik weet wat net niet in de smaak zou vallen. Kiezen vanuit aanpassing of kiezen vanuit pure rebellie, dat is geen kiezen. In beide gevallen draag je kledij die niet goed voelt. Dat prikt, is te strak of te los, je voelt je een beetje een bedrieger. Je voelt je niet echt.

Ik heb hierin kleine stapjes gezet. Het begon met kledij dragen voor en van mezelf op momenten dat ik in een weinig-kritische omgeving vertoefde. En uiteindelijk ben ik op een punt gekomen dat het mogelijk is om kledij te dragen, zonder mij nog bewust te zijn van het oordeel van anderen. Nu draag ik wat ik wil, wanneer ik wil en geniet ik volop van dit experimenteren met mijn persoonlijke stijl. Een oordeel mag komen, het raakt mij eigenlijk niet meer. Het maakt mij zelfs niet kwaad of gefrustreerd, het is gewoon een mening, punt.

Kledij dragen die al dan niet bij je past, zo’n groot drama is dat voor velen niet. Maar wat wel dramatisch is is iets dragen (als in: gewicht op je schouders, of ‘ver’dragen) dat niet bij je past. En dat vind ik het mooie aan mijn kledij-proces. Ik voel nu hoe het is om te dragen wat werkelijk bij mij past. Ik voel hoe het is om te voelen en om vrijer te zijn.

Niemand bezit een absolute waarheid. Toch hechten we zoveel belang aan het oordeel van (belangrijke of minder belangrijke) anderen. Logisch, we zijn sociale dieren. Het zou problematisch zijn mochten we nooit iets geven om het oordeel van een ander. Maar de lijn wordt getrokken daar waar je jezelf in de steek laat.

Voelen wat bij je past, op vlak van liefhebben, werk, vrije tijd, wonen, geld, uiterlijk, … en dit kunnen vinden en omarmen. Dat is werkelijk het mooiste dat er is.

Non-fictie boeken die blijvende waarde brachten in mijn leven.

Ik voel.

Soms komt een boek op het juiste moment, vooral als je door een moeilijke periode gaat. Dit had ik met twee van onderstaande boeken: Intimiteit en Mijn kind, mijn spiegel. De andere boeken kwamen op een minder woelig moment, maar veranderden ook veel in mijn denken en zelfs mijn manier van leven. Een overzichtje:

Dit boek kwam er toen ik uitgevallen was van mijn werk. Noem het een burn-out, noem het een normale reactie op een abnormale omgeving. Ik verkies dit laatste, want een ‘burn-out’ geeft soms de illusie dat de persoon in kwestie zwak is en weerbaarder moet worden. Nee, meestal is de persoon in kwestie zo sterk en moedig dat hij veel te lang iets verdraagt dat niemand zou moeten verdragen. Dit was zowat de belangrijkste boodschap die ik voor mezelf in die specifieke periode haalde uit het boek. Ik voelde me schuldig, zwak, verslagen, maar dankzij het boek wist ik dat ik voor het eerst een keuze had gemaakt (de keuze om na het uitvallen definitief niet terug te keren) dat trouw was aan mezelf. Bedankt Paul.

Geen simpel boek hoor dit. Een klein boekje, maar zo prachtig. Het boek gaf mij persoonlijk mee dat we als mens veel keuze hebben. Ons denken, onze cultuur, onze gewoonten, enzovoort, zijn in de eerste plaats constructies. Het goede nieuws is daarom dat je daar niet hoeft in mee te gaan, als dat niet bij je past. Je mag dus anders denken, anders leven, op een eigen verbeeldende manier. Heel mooi.

De titel alleen al hé. 🙂 Een zeer mooi, leesbaar, luchtig en grappig boek maar met een serieuze boodschap. Een antigif voor de hele stapels zelfhulpboeken die ons vooral – zonder dat we het daarom beseffen – doen meedraaien in de prestatiemaatschappij. Dit boek verdraait ons ‘moeten’ naar zoveel ‘mogen’.

Wat een vrouw.. Als je het woord ‘authentiek’ opzoekt in het woordenboek, dan zie je daar hopelijk ‘Fleur Van Groningen’ bij staan, want ik blijf mij telkens weer verbazen van haar puurheid. Ze brengt alles, onverbloemd, daar heb je heel wat lef voor nodig! Dit boek las ik op een moment dat mijn zelfkritiek overwinning boekte. Ik had het niet gehaald in een tweede ronde van een voor mij – op dat moment – belangrijke sollicitatieronde. Ik wilde in een hoek kruipen en er nooit meer uitkomen. Maar ik las inmiddels ook dit boek. Dat én de steun van enkele belangrijke mensen, sleepten mij er in een razendsnel tempo weer doorheen. Fleur leert mij hoe belangrijk het is om van jezelf te houden (en niet op een egocentrische cliché manier hoor). Ze leert mij om rekening te houden met limieten: wat mag er nog in mijn emmer op dit moment en waar heb ik nood aan? En ze leerde mij vooral iets bij over mijn innerlijke criticus. Eén van de waardevolle boodschappen die ik onthouden heb is bv. dat kritiek van anderen pas hard aankomt als het overeenstemt met zelfkritiek.